Jurisprudentie

Jurisprudentie

Op deze pagina treft u enige van belang zijnde jurisprudentie aan waarbij Advocatenkantoor Post betrokken is geweest.

ECLI:NL:GHSHE:2011:BR7108

Kern: EET-Vo. Art. 6: woonplaats schuldenaar is die ten tijde inleidende dagvaarding; Art. 16 woonplaats schuldeiser blijkt toereikend uit producties bij de inleidende dagvaarding.

ECLI:NL:GHSHE:2011:BU3354

Kern: Toetsing door de rechter van de vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst; verstek van de huurder; de tenzij-regel van artikel 6:265 lid 1 BW; artikel 139 Rv.

ECLI:NL:RBMID:2006:AZ5043

Kern: Gebruiker elektriciteitsmeter aansprakelijk geacht voor geknoei met de meter (ondanks vrijspraak in strafzaak); hoogte van de schade van de netbeheerder ten gevolge van het verlies van “niet gemeten” energie.

ECLI:NL:RBMAA:2011:BP3258

Kern: Nieuw verweer bij conclusie van dupliek als hoofdregel dat bij conclusie van antwoord aangevoerd had kunnen worden wordt voorbijgegaan. Strijd met de goede precesorde.

ECLI:NL:GHSHE:2008:BH8921

Kern: Gebruiker elektriciteitsmeter aansprakelijk geacht voor geknoei met de meter (ondanks vrijspraak in strafzaak); hoogte van de schade van de netbeheerder ten gevolge van het verlies van “niet gemeten” energie.

ECLI:NL:RBSGR:2012:BV3384

Kern: Terugvordering en invordering onverschuldigd betaalde subsidie (persoonsgebonden budget), overgangsrecht, formele rechtskracht.

ECLI:NL:GHSHE:2015:328

Kern: WCK/ Voldoende achterstand voor opeising?/ Eisvermeerdering in casu niet in strijd met twee conclusie leer/ Contractuele afwijking artikel 6:43 lid 2 BW niet gebleken / Niet voldaan aan eisen vervroegde opeising Wck / Subsidiaire vorderring ter zake vervallen termijnen toewijsbaar/ terughalen in beslaggenomen auto in België/ geen schadebeperkingsplicht aan de orde nu nakoming wordt gevorderd/ proceskosten begroot op kosten eerste aanleg, rest nodeloos.

ECLI:NL:RBZUT:2012:BX1620

Kern: Overeenkomst van geldlening; misbruik van Biz Key en inlogcodes

ECLI:NL:GHSHE:2007:BB2794

Kern: Met grief 1 betoogt [appellant sub 2] dat de rechtbank ten onrechte heeft aangenomen dat hij heeft gehandeld als vennoot van de vennootschap onder firma [appellante sub 1]. […] Deze grief faalt. Als erkend door [appellant sub 2] en gestaafd door stukken […] staat vast dat [appellante sub 1] in november 2003 in het handelsregister van de Kamer van koophandel stond ingeschreven als vennootschap onder firma en voorts dat [appellant sub 2] als één van de vennoten van [appellante sub 1] als zodanig stond ingeschreven. Het door [appellant sub 2] in hoger beroep gestelde feit dat hij feitelijk niet als vennoot werkzaam heeft willen zijn of is geweest, kan [appellant sub 2] niet met succes aan Essent tegenwerpen. Ook is niet van belang dat aan [appellant sub 2], zoals hij in hoger beroep betoogt, zou zijn voorgehouden dat inschrijving noodzakelijk was bij wijze van garantie ten opzichte van derden. De destijds voor [appellant sub 2] bestaande reden(en) om zich in te schrijven is/zijn voor Essent immers niet kenbaar en bovendien niet relevant. De door [appellant sub 2] gestelde omstandigheid dat een overeenkomst van vennootschap onder firma ontbreekt, is evenmin bepalend, omdat Essent mag afgaan op de inschrijving in het handelsregister. Het hof gaat aan het bewijsaanbod van [appellant sub 2] derhalve voorbij als niet ter zake dienende. Uit het vorenstaande volgt dat Essent [appellant sub 2] als vennoot van de vennootschap onder firma hoofdelijk aansprakelijk kan houden voor een schuld van [appellante sub 1].

ECLI:NL:RBROT:2011:BQ7167

Kern: BizKey, elektronische handtekening, identiteitsfraude, elektronisch bankieren
De aan de identiteit van gedaagde gekoppelde BizKey en de daarbij behorende codes moeten, gelet op wat Bizner daarover – zoals onder 3.2.2. weergegeven – onweersproken heeft gesteld, gezamenlijk worden opgevat als hulpmiddel waarmee gedaagde zijn elektronische handtekening plaatste voor alle overeenkomsten die hij met Bizner aanging.
Partijen hebben in de klantovereenkomst niet nader geregeld wie het risico dient te dragen van misbruik van de BizKey. Voor de beantwoording van die vraag doet de omstandigheid
dat gedaagde, zoals hij stelt, niet op de hoogte was van de aanvraag van de lening door persoon1 niet terzake. Wel is relevant aan wie valt toe te rekenen dat de onbevoegde gebruiker – in dit geval persoon1 – van de elektronische handtekening gebruik heeft kunnen maken. Indien dit misbruik te wijten is aan gebrek aan zorg van gedaagde, dan wordt dat in beginsel aan hem toegerekend, tenzij gedaagde omstandigheden stelt en bewijst die een zodanig gebrek aan zorg uitsluiten (vgl. HR 19 november 1993, NJ 1994, 622).
Uit de stellingen van gedaagde volgt dat persoon1 in dienst is geweest bij zijn bedrijf gedaagde. Zij hebben ook gezamenlijk een huis bewoond. De betaalrekening van Bizner werd door hen gezamenlijk op een vaste computer beheerd, waarbij persoon1 ook de beschikking had over de aan de identiteit van gedaagde gekoppelde BizKey en daarbij behorende codes.
De rechtbank is van oordeel dat gedaagde derhalve niet zorgvuldig is omgegaan met de aan hem toevertrouwde BizKey, waartoe overigens des te meer aanleiding was vanwege zijn, naar gedaagde zelf in de conclusie van antwoord stelt, bekendheid met het fraudeverleden van persoon1. Door persoon1 niet te betrekken in de rechtsverhoudingen met Bizner en hem daarentegen wel in de gelegenheid te stellen te beschikken over en gebruik te laten maken van de BizKey en de codes, heeft gedaagde het risico genomen dat jegens Bizner misbruik van zijn identiteit kon worden gemaakt en kan hem dat worden toegerekend. Andere feiten en omstandigheden die een gebrek aan zorg uitsluiten, zijn gesteld noch gebleken.

ECLI:NL:RBZUT:2011:BV0742

Kern: Nalatigheid bij voldoen aan substantiërings- en bewijsaandraagplicht van artikel 111 lid 3 Rv heeft gevolgen voor de proceskosten.

ECLI:NL:GHSHE:2012:BX0425

Kern: Verhuur van bedrijfsruimte en bovenwoning in hetzelfde pand zonder gescheiden nutsvoorzieningen aan twee separate huurders. Uitgangspunt bij verdeling kosten energie- en waterverbruik.

Oud:

doc.fe.00186320150113124834

doc.ka.00185720150113123833

doc.ku.hb00185920150113124336

doc.lu.00186020150113124519

doc.er.00186220150113124748

doc.ho.00186120150113124644

Contact

Advocatenkantoor Post
Peeleik 2a
5704 AR Helmond

Tel (0492) 51 33 59
Fax (0492) 51 47 35
E-mail post@advocatenkantoorpost.nl

Openingstijden:
Ma t/m Vr: 9.30 -16.00 uur